Leerling, ouders en school kunnen voor advies en begeleiding een beroep doen op interne en externe professionals.

 

Decaan

Het kiezen van een vervolgstudie en/of beroep kan voor leerlingen met een functiebeperking extra moeilijk zijn, omdat zij ook een antwoord moeten vinden op de vraag welke studie- en beroepsmogelijkheden voor hen fysiek haalbaar zijn. Zij hebben dan ook een sterke behoefte aan een goede begeleiding, een behoefte die tijdens het hele opleidingstraject aanwezig blijft. De decaan kan hier een belangrijke rol vervullen. Samen met de leerling kan eventueel gebruik gemaakt worden van een speciale beroepentest. Ook voor het vinden van geschikte stageplekken kan de decaan ondersteuning bieden. De decaan kan voor het vinden van een geschikte vervolgopleiding ook samen met de leerling een beroep doen op het Steunpunt Studie en Handicap van het Regionaal Opleidingscentrum of het Agrarische Opleidingencentrum in de buurt. Loopbaanontwikkeling en -begeleiding is volop in ontwikkeling. Het vraagt veel tijd van decanen om ‘bij de les’ te blijven. Op veel scholen wordt nog steeds het schooldecanaat vervuld door ervaren docenten, die dan een deel van hun jaartaak aan het decanaat toegerekend krijgen. Het decanaat is dan een “taak” en geen “functie”. Dit betekent dat zij doorgaans maar beperkt tijd hebben. Een mogelijkheid is dat decanen binnen een samenwerkingsverband gezamenlijk optrekken, waarbij ieder zich naast de algemene taken specialiseert in een bepaald kennisgebied. Één van die specialisaties zou de wettelijke ruimte en mogelijkheden kunnen zijn voor individuele onderwijsarrangementen. Daarmee zijn dan binnen het samenwerkingsverband kennis, inzichten en vaardigheden beschikbaar voor het begeleiden van deze leerlingen.

 

Examencommissie

Als er voor een zorgleerling  een aanpassing of afwijking van de regels in de onderwijs- en examenregeling (OER) of het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) nodig is, wordt de inzet en expertise van de examencommissie gevraagd. Deze commissie heeft, naast een aantal wettelijke (of in de OER/PTA) vastgestelde taken, de bevoegdheid om - in een aantal gevallen - af te wijken van het in de OER/PTA bepaalde.

 

Consulenten OZL

Voor leerlingen die langdurig en/of chronisch ziek zijn, kan de school (vaak gratis) ondersteuning aanvragen van een consulent ondersteuning onderwijs zieke leerlingen werkzaam bij een onderwijs begeleidingsdienst of bij een educatieve voorziening van een academisch ziekenhuis. Het brede werkveld en het grote werkgebied dat deze professionals bestrijken, zorgt ervoor dat zij voortdurend op veel scholen tegelijkertijd actief zijn.

De consulenten adviseren en begeleiden scholen:

  • ze ondersteunen de school bij het opstellen van een protocol;
  • ze geven advies en tips hoe de school het beste met de situatie kan omgaan;
  • geven informatie aan de school over de ziekte van de leerling en de gevolgen daarvan voor het volgen van onderwijs;
  • ze wijzen op voorzieningen en regelingen.

Een consulent ondersteunt ook de zieke leerling en de ouders. De hulp van de consulent OZL, die doorgaans op korte termijn beschikbaar is, kan er voor zorgen dat de leerling betrokken blijft bij de school en het onderwijsproces. De leerling houdt hierdoor toekomstperspectief, een sociaal-emotioneel isolement wordt zoveel mogelijk voorkomen en er wordt, zo mogelijk, gewerkt aan een terugkeer naar het reguliere onderwijs. De consulent kan hierbij ook gebruik maken van en ondersteuning bieden bij e-coaching (internet, e-mail, chatten, msm, webcam, etc). Daarnaast kan de consulent ook in beperkte mate het onderwijs aan de zieke leerling verzorgen (afnemen van toetsen, lesgeven, etc). Zowel de school als de ouders kunnen ondersteuning door een consulent aanvragen.

 

Ambulant Begeleiders(AB-ers)

Sinds invoering van de Wet passend onderwijs krijgt het samenwerkingsverband het geld dat eerder nog naar de rugzakjes ging. Het samenwerkingsverband beslist dus ook wat te doen met de ambulante begeleiding. In de ene regio zal het samenwerkingsverband ervoor kiezen om veel geld te investeren in Ambulant begeleiders en in andere regio's juist niet. Voor de veranderingen ten aanzien van de ambulante begeleiding is een overgangsperiode ingesteld.

Het is de bedoeling dat het geld dat er nu is voor ambulante begeleiding tot en met het schooljaar 2014-2015 ook daadwerkelijk aan ambulante begeleiding wordt uitgegeven. Samenwerkingsverbanden die dat echt niet willen, kunnen er echter ook in de tussentijd al voor kiezen om het geld anders uit te geven.

 

Leerplichtambtenaar

Een van de taken van de leerplichtambtenaar is het verlenen van maatschappelijke zorg aan jongeren van 5 tot 18 jaar om ongeoorloofd schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten te voorkomen. Om deze taken uit te voeren, onderneemt de leerplichtambtenaar onder meer de volgende acties:

  • onderzoekt en analyseert de gesignaleerde (verzuim)problematiek.
  • zet een traject uit waarin einddoelen worden geformuleerd, en ook de manier waarop deze doelen kunnen worden bereikt.
  • verleent kortdurende maatschappelijke hulp en verwijst bij specifieke problematiek naar daarvoor bestemde instanties.
  • bemiddelt en adviseert bij conflicten tussen jongeren, hun ouders en/of scholen bij dreigend verzuim en voortijdig schoolverlaten.

Zowel scholen als ouders kunnen de hulp inroepen van de leerplichtambtenaar wanneer de opleiding dreigt vast te lopen. De leerplichtambtenaar kan ook zelf aan de bel trekken wanneer deze op basis van de leerplichtadministratie een oplopend (ziekte)verzuim constateert. De scholen voor speciaal onderwijs kunnen samen met het Samenwerkingsverband-VO per regio en clusteroverstijgend expertisepunt inrichten (steunpunt passend onderwijs) van waaruit scholen geadviseerd worden met betrekking tot de wettelijke ruimte en mogelijkheden voor individuele onderwijsarrangementen. De praktijk leert dat de gemeentelijke regietaken zich vrij lastig laten vertalen in daadkrachtige acties en maatregelen, wanneer de benodigde financiële middelen uitsluitend bij andere partijen te vinden zijn. Om de leerplichtambtenaren ook de mogelijkheid te geven trajecten in te zetten voor potentiële uitvallers, is het aan te raden om hiervoor een speciaal werkbudget beschikbaar te stellen. De gemeente kan deze middelen inzetten vanuit een aantal betrokken beleidsvelden, zoals de wet maatschappelijke ontwikkeling, de wet collectieve preventie volksgezondheid, jeugdbeleid, de gemeentelijke schoolbegeleidingsmiddelen, etc.